TRAMWEG–STICHTING
Motorwagen HTM 294
Voorheen werkwagen TS14, ex-pekelwagen HTM H4
Tweeassig motorrijtuig HTM 294, uit de vijftig wagens tellende serie 250-299, is een voorbeeld van een museumtram die behouden bleef doordat hij zijn leven wist te rekken als werkwagen. Dat zijn vaak oude trams die niet meer in de reizigersdienst komen, maar nog wel gebruikt worden als rangeerwagen of pekeltram, bijvoorbeeld.
Het is geen toeval dat de 294 pekelwagen werd; de 290-299 vormden de jongste deelserie van de serie 250, met onder andere een moderner onderstel dan hun veertig voorgangers. Bij een verbouwing kregen ze bovendien sterkere motoren afkomstig uit wagens van de serie 800, waardoor de 290'ers nog jaren meekonden.
De H4 was op een gegeven moment niet meer nodig bij de HTM en werd overgedragen aan de TS. Daar werd hij ingezet als TS-werkwagen TS 14. Het interieur van het motorrijtuig werd ontdaan van zijn pekeltank. De wagen kreeg zijn oorspronkelijke zijraamindeling terug en werd geschilderd in het vroegste kleurenschema van de NBM (Nederlandse Buurtspoorweg-Maatschappij, die de lijn Utrecht-Zeist exploiteerde.) Die kleuren vertonen weliswaar grote gelijkenis met het vroegere crème-kleurenschema van de HTM, maar er zijn toch voldoende verschillen die de TS 14 een heel ander aanzien gaven.
De TS 14 werd ondergebracht bij de TS-werkgroep Scheveningen. Daar ontstond het plan om de wagen weer terug te verbouwen naar de vroegere toestand als motorwagen 294. Daarmee zou een lacune in de Haagse tramcollectie worden gevuld, want een 290'er in de uitvoering van de jaren '50 was er nog niet.
Soortgenoot 265 van het HOVM toont de vroegste toestand, met sleepbeugel en klapborden op het dak. Bij het Nederlands Openluchtmuseum rijdt de HTM 274, in de toestand van de jaren '60, met een Siemens A-beugel, en met hetzelfde onderstel als de 265. De 294 houdt zijn schaarbeugel (type Siemens B, evenals de motoren afkomstig van 800-wagens) en krijgt weer lijnnummer- en richtingfilmkasten op het dak.
In 2026 is de restauratie van de HTM 294 in het eindstadium.
Foto′s: Raymond Naber